Hond & Co
Hond & Co houdt echt van honden en dat is ons uitgangspunt.
Behandel je hond zoals je zelf behandeld wilt worden.

Aandacht voor de zwerfhonden in Romenië:

"Honden hebben geen gedragsproblemen, mensen hebben problemen met het gedrag van hun hond ~ Marieët de Roos

Wat is stress?

Stress is een spanning, die nodig is voor het verrichten van taken, die in sterke mate toeneemt als er een verandering optreedt waarop mens of dier, zich in moeten stellen.

Op zich helemaal niets mis mee, maar toch is stress dikwijls de basis van veel gedragsproblemen (vaak veroorzaakt doordat wij onze honden niet begrijpen). Het lichaam is goed aangepast aan kort durende stress: voedsel vinden, korte angst, training, het kan zelfs prestatieverhogend werken. Tegen lange termijn stress zoals: dagelijkse angst, onzekerheid, overtraining, dagelijkse straf, lang in de auto zitten of lang in een kennel opgesloten zitten, is het lichaam echter niet goed opgewassen.

Het lichaam kan maar een bepaalde hoeveelheid stress aan. Iedereen reageert anders op stress. Wat voor de één stressvol is hoeft dat voor een ander niet te zijn. Ook het aanleren van dingen geeft stress, maar dit is, als de hond het leuk vind, helemaal geen probleem. Aangeleerde dingen geven juist duidelijkheid en dus rust.

Lang aanhoudende stress kan het lichaam ontregelen. De meeste lichamen reageren, op te veel stress (indirect) door ziek te worden of met gedragsproblemen. Dit kunnen allerlei ziekten of gedragingen zijn waaronder bijvoorbeeld huiduitslag (en andere allergieën), hartkwalen, ontstekingen, obsessief jachtgedrag of pestgedrag.

Het is belangrijk om de stress niveaus zo stabiel mogelijk te houden. Niet te veel “stress pieken” te snel achter elkaar. Een hond moet de mogelijkheid hebben om zich te kunnen herstellen van evenementen die voor hem/haar stress opleveren. Door een continue hoog niveau van stresshormonen in het lichaam bestaat het gevaar, op het ontstaan van chronische stress.

Eustress, coping en distress.

Eustress (positieve stress): spreekt de beste energieën in ons aan en kan daarmee de ontwikkeling van het eigen vermogen mogelijk maken.
Coping: is de manier van omgaan met de eisen van de buitenwereld en de eisen die we aan ons zelf stellen.
Distress (negatieve stress): is de emotionele of fysieke pijn die we hebben als we blootgesteld worden aan een overmaat aan gestelde eisen waar we niet aan tegemoet kunnen komen.

Voorbeeld 1:
Eustress: Misty is het hondje van mijn moeder, ik ga haar regelmatig halen om te wandelen. Misty is heel graag bij mij. Als ik ’s ochtends kom dan weet ze dat we gaan wandelen. Ze is blij en geeft me kusjes.
Coping: Ze kan vandaag echter niet mee, want ik heb het druk. Misty snapt er niets van en begint te piepen. Als dat niet helpt gaat ze haar riem pakken in de hal en sleurt hem naar de kamer. Ze probeert vanalles uit om mijn aandacht te trekken.
Distress: Mijn moeder vertelde me later dat ze niets met Misty kon beginnen. Toen ik weg was, piepte ze alles bij elkaar en liep steeds rusteloos heen en weer. Op een gegeven moment is ze lusteloos gaan liggen.

Voorbeeld 2:
Eustress: Doggy kan niet vaak mee omdat haar verzorgster niet goed ter been is. Op een dag mag ze met mij mee naar het strand en ze is door het dolle van blijdschap. Ze rent op en neer en blaft tegen de golven (op het eerste gezicht lijkt ze blij).
Coping: De plotselinge vrijheid geeft haar een adrenalinescheut die ze ervaart als een spanning in haar lichaam. Hierdoor heeft ze enorme bewegingsdrang en gaat ze door met rennen en blaffen tegen de golven.
Distress: Na een half uur rent ze nog steeds heen en weer en blaft tegen de golven. Ze weet zich geen raad met de situatie. De vrijheid, de adrenaline, de spanning en bewegingsdrang in haar lijf... Dit gedrag is geen pret meer, het is een manier om het hoofd te bieden aan een situatie waarvan ze niet weet hoe er mee om te gaan.

Als dit niet vaak voorkomt en er verder weinig stress is, is het helemaal niet zo erg voor de beide honden. Ze zullen daar heus niet ziek van worden. Als ik Misty echter wil helpen (indien deze situatie zich zal herhalen) is het verstandig Misty duidelijkheid te geven door haar te leren dat ze bij een bepaald signaal (bijv. "dag" zeggen) niet mee kan. Deze duidelijkheid zorgt misschien voor een bepaalde teleurstelling op het moment dat er "dag" gezegd wordt, maar geeft kort daarna rust. Want ze weet dat ze niet mee mag. Ook daarom is consequent zijn zo belangrijk.

In het geval van Doggy, kan het verstandig zijn om de wandelingen langzaam op te bouwen en te doseren.

Als men de lichamelijke gedragingen, die een uiting van stress zijn, wil stoppen door ze te verbieden (b.v. het sleuren aan de riem of het blaffen tegen de golven), dan kan het “gedrag naar binnen slaan”. Het gedrag lijkt gestopt maar er heeft alleen maar een onderdrukking van de symptomen plaatsgevonden. De stress in het lichaam zal vroeg of laat toch een uitweg zoeken. Dit gaat dikwijls gepaard met een verminderde weerstand en daardoor het ontstaan van allerlei kwalen en ziekten of vreemd gedrag (vaak agressie).

Het is dus heel belangrijk dat je hond de kans krijgt voor coping. Onze honden gebruiken ook wel slecht coping gedrag, zoals dingen opeten, cirkels draaien of poten likken. Leer je hond om goed coping gedrag te vertonen, door hen dingen aan te leren die duidelijkheid geven in bepaalde situaties, dat gaat op den duur vanzelf. Hij/zij komt dan sneller in een rustfase.

In de grafiek hiernaast, wordt het verschil weergeven tussen twee honden. A krijgt voldoende tijd voor herstel, terwijl B te vaak en te snel wordt blootgesteld aan teveel stressoren. B heeft op zaterdag behendigheid, op zondag een hondenshow, maandag gehoorzaamheid, dinsdag opnieuw behendigheid etc. Het (basis) niveau van zijn/haar stresshormonen in het bloed zal daardoor hoger zijn dan bij hond A. Dit verhoogde niveau zal vroeg of laat tot uiting komen in het gedrag en/of de gezondheid.

Waar kunnen we zelf op letten en wat kunnen we doen om onze honden op hun gemak te stellen?

  • Als onze hond bang, boos of opgewonden is kunnen we door kalmerende signalen te gebruiken zorgen dat hij/zij rustiger wordt. Straf niet!
  • Als hij/zij bang is en een persoon doet iets bedreigends (bv.: voorover naar je hond toe buigen) dan kan je hond tot een verdedigende houding overgaan. Vraag degene om zijn/haar hoofd weg te draaien of de rug te keren, dit kalmeert je hond.
  • Als een hond niet naar je toe wilt komen, dwing hem/haar dan niet. Blijf passief en laat de hond contact maken.
  • Laat mensen niet zomaar aan je hond komen als deze daar niet tegen kan, dat willen wij zelf ook niet. Houdt rekening met hun persoonlijke zone. Natuurlijk kun je honden leren om goed met zulke situaties om te gaan, maar dan moeten ze dit wel leren en ook dan is het belangrijk rekening met hen te houden.
  • Veel honden vinden het niet leuk om opgepakt te worden. Soms vinden ze het wel prettig op schoot, maar ze willen niet fijn geknepen of doodgeknuffeld worden. Hij/zij zal dan ook altijd één of meerdere kalmerende signalen (b.v.:clikken, wegdraaien, gapen) laten zien als het wat te druk wordt. Aai of knuffel iets rustiger en indien de hond signalen blijft geven, stop dan.
  • Als je ruw bent bij het aanraken (bijvoorbeeld tijdens de verzorging), zal je hond signalen vertonen en daarmee aangeven, dat het iets te veel van het goede is. Veel mensen zeggen "doe niet zo flauw". De betekenis van deze woorden komt absoluut niet over bij je hond. Waarom doe je de verzorging niet gewoon iets rustiger. Prettiger voor jezelf en je hond.
  • Grommen en blaffen betekent in veel gevallen angst of onzekerheid (geen dominantie! lees hier meer over dominantie). Kalmeer je hond door te gapen, rug draaien, hoofd draaien, etc. Dwing hem/haar nergens toe. Help met de situatie.

Stressopbouw en de daarbij behorende signalen en gedragingen (trap).

De stress kleurentrap laat zien wat de gevolgen kunnen zijn van toenemende stress bij een hond, als deze niet op tijd uit een situatie wordt gehaald, die hij/zij niet aan kan. De rode pijl geeft aan op welk moment het goed is om hulp te bieden aan je hond, om in de toekomst verdere escalatie te voorkomen. Vanaf oker naar rood is het oppassen geblazen, deze situaties kunnen het beste vermeden worden. Je hond heeft echt hulp nodig. Hij/zij kan de situatie niet aan. Meestal wordt dit afgestraft. NIET DOEN! Help je hond!

In de praktijk zal een hond die stress opbouwt in een bepaalde situatie niet altijd de gedragingen laten zien in “de juiste volgorde van de stresstrap”. Afhankelijk van de tijdsduur dat een hond al onder stress leeft zal hij/zij bepaalde gedragingen niet meer laten zien. Een hond die al een geruime tijd met stress leeft kan bijvoorbeeld direct overgaan tot uitvallen naar hond of mens. Een hond die in het dagelijkse leven weinig stress heeft zal in een stress situatie een geleidelijke opbouw van stress signalen laten zien.

Escalatie ontstaat vaak doordat de verzorger de eerste signalen heeft gemist of deze heeft gecorrigeerd. De hond is niet uit de situatie gehaald maar gecorrigeerd door bijvoorbeeld de hond te laten zitten of liggen of een flinke ruk aan de lijn te geven, bijvoorbeeld bij het naderen van een andere hond. De correctie kan het symptoom (bijvoorbeeld het blaffen) misschien op dat moment stoppen, maar niet het onderliggende probleem. De hond heeft niets goeds geleerd. Hij/zij gaat bij een volgende ontmoeting over naar de volgende stap in de trap en wordt weer gecorrigeerd. Zijn/haar gedrag verergert en misschien eindigt het zelfs wel met bijten. De hond krijgt het predicaat “vals” of "dominant" te zijn terwijl de oorsprong van het probleem niet bij de hond ligt maar bij de verzorger. Deze heeft verzuimd om tijdig de situatie voor zijn/haar hond te veranderen toen deze aangaf het niet aan te kunnen.

Door uit te zoeken wat de oorzaak is en met de juiste begeleiding, kan het gedrag van de hond verbeterd worden. Alle situaties, omgevingen, voorwerpen en andere dieren waar een hond niet mee om kan gaan, op lichamelijk, sociaal en psychisch vlak, zijn redenen voor stressopbouw bij een hond. Een verkeerde combinatie van verzorger en hond, onvoorspelbaarheid en inconsequentie van de verzorger, pijn, maar ook medicijngebruik en toediening daarvan kunnen voor een hond aanleiding zijn om stress op te bouwen.

Voorbeeld 3:

Ik kom mevrouw A tegen in het park met haar labrador Loesje.

Alles gaat er redelijk rustig aan toe tot Loesje naar mij toe wil komen. Ze krijgt een enorme ruk aan de nek (ze draagt een slipketting) en krijgt allerlei commando’s naar haar hoofd geslingerd. Loesje duikt onmiddellijk in elkaar en begint ondertussen van alles van de grond op te eten. Weer krijgt ze een ruk aan haar nek en mevrouw A roept dat ze er onmiddellijk mee op moet houden. Ik vertel iets over het stressniveau van Loesje en mevrouw A haar manier van omgaan met Loesje, maar ze wil er niets over horen. Volgens haar gaat het toch altijd goed. Vervolgens gaat Loesje hijgen en wil gaan liggen, ze krijgt weer een ruk aan de riem omdat ze moet blijven zitten. Op een onbedachtzaam moment komt Loesje dichter bij mij en likt mijn hand. Plotseling pakt ze mijn hand tussen haar tanden en houdt deze stevig vast. Mevrouw A maakt aanstalten om aan de riem te trekken maar ik kan ingrijpen en zeg dat ze dit nu zeker niet moet doen met mijn hand tussen haar tanden. Ik maak een hoogtonig geluid (gilletje) en Loesje lost haar greep iets, maar laat niet los. Ik maak het geluid nog wat hoger en, ja hoor, ze laat los. Gelijk wordt ze ongenadig heen en weer geslingerd en bij elke kans die ze krijgt eet ze dingen van de grond. Dan lijkt alles weer rustig, Loesje is gaan liggen. Maar schijn bedriegt, want nu likt ze als een bezetene haar poten, dit blijkt mevrouw A niet erg te vinden, want ditmaal laat ze Loesje met rust.

Loesje gebruikt verschillende soorten coping gedrag. Alleen is dit coping gedrag niet zo goed voor Loesje. Ze eet van alles op, ze likt aan haar poten, nee met Loesje gaat het niet goed. Ze weet gewoon nooit wanneer ze iets goed doet omdat mevrouw A absoluut niet duidelijk is tegen Loesje. Zelfs als ze wil gaan liggen krijgt ze een ruk aan de riem. Ook mevrouw A was behoorlijk gestresst en zou er zeker zelf ook baat bij hebben om veel rustiger met Loesje om te gaan. Lekker rustig en geen geruk en gestress.

Natuurlijk is het ook belangrijk dat onze honden, mensen en honden kunnen ontmoeten, maar als je niet wilt dat ze zomaar naar iedereen toe lopen moet je ze dit wel eerst goed leren. Je kunt niet verwachten dat ze alles vanzelf goed doen. Dat ze altijd goede dagen hebben. Soms hebben ze een slechte dag, net als wij, en dan reageren ze anders dan we gewend zijn van ze. Natuurlijk moeten we consequent zijn, maar dat wil niet zeggen dat we er maar op los moeten rukken. Het kan ook (veel beter) op een rustige manier. Niet alleen beter voor je hond, maar zeker ook voor jezelf.

Wij mensen leggen, vaak zonder dit te beseffen, grote druk op onze honden, waardoor we hen overbelasten. Een beetje stress kan geen kwaad, maar langdurige “disstress” is voor onze honden net zo gevaarlijk als voor ons.

Een aantal voorbeelden van symptomen van stress.
Let op! Deze symptomen kunnen ook andere oorzaken hebben dan Stress.

  • Adem - stinkt
  • Ademhaling - snel
  • Aanrakingsgevoelig
  • Achterbenen - stram en stijf, gespannen over het hele lichaam
  • Afstandelijker worden
  • Agressie
  • Allergieën
  • Anaalklier problemen
  • Apathisch gedrag - psychische gevoeligheid, lusteloosheid, onverschilligheid
  • Berijden van mensen/honden
  • Bibberen - rillen
  • Bijten in de riem, handen, armen, kleding, etc.
  • Bijten - echt dingen kappot bijten
  • Blaffen - veel
  • Boeren - veel
  • Concentratie verlies - tijdens trainingen niet meer snappen wat er moet gebeuren, niet meer na kunnen denken
  • Constant contact willen
  • Constant bewakingsgedrag
  • Constant dingen in de mond ronddragen
  • Constant alert gedrag
  • Darmverstopping - obstipatie
  • Depressie
  • Desoriëntatie
  • Diaree - stinkende poep, niet regelmatige stoelgang
  • Dingen opeten - poep, zand, stokken, stenen, etc.
  • Drinken - te veel/weinig/niet
  • Dromen - veel
  • Epileptische aanvallen - kunnen duiden op te gefixeerd zijn op dingen
  • Erecties
  • Eten - veel/weinig/niet
  • Geen beslissingen kunnen nemen
  • Geen conflicten kunnen oplossen
  • Geen contact met de hond kunnen maken
  • Geen lekkers aan willen nemen
  • Geïrriteerd zijn (snel)
  • Gezicht - rimpels of juist een hele strakke huid
  • Haaruitval
  • Hart problemen
  • Hete plekken op het lichaam - hotspots
  • Hijgen - veel/lang
  • Hoofdpijn - hoofd in handen leggen
  • Huidproblemen
  • Hyperactiviteit
  • Hysterisch gedrag - overspannen
  • Immuunsysteem - slecht
  • Infecties
  • Jachtgedrag - obsessief
  • Janken
  • Kalmerende signalen -heel excessief of juist helemaal geen
  • Kanker
  • Klappertanden
  • Krabben
  • Lichaamsgeur - sterke
  • Moeheid
  • Nagels bijten
  • Nagels - vlokkig
  • Neus - droge
  • Neus - geschubde
  • Neus - lopende
  • Neus - pijnlijke
  • Neus - witte/zoutige
  • Niezen
  • Obstipatie
  • Ogen - doffe
  • Ogen - groot en wild
  • Ogen - knipperen
  • Ogen - rood doorlopen
  • Ogen - snel bewegen
  • Ogen - waterige
  • Ongehoorzaam
  • Ontblote penis
  • Ontstekingen
  • Onzelfverzekerd
  • Op de rug gaan liggen
  • Opspringen tegen mensen
  • Oren - infecties
  • Oren - vieze
  • Oren - warme/koude
  • Overgeven
  • Overgevoelig voor geluid
  • Overgevoelig voor licht
  • Overreageren
  • Overactief - gekke 5 min., als een gek een aantal min. heel hard lopen, vooral in rondjes
  • Paniekerig
  • Plassen - heel veel of niet kunnen
  • Prostaat problemen
  • Rondjes draaien
  • Roos - soms ineens heel veel
  • Rusteloos
  • Schaduwen achtervolgen
  • Schrikken - gemakkelijk
  • Schuim in de mondhoeken - schuimbekken
  • Slapen - veel/weinig/niet
  • Snel in de verdediging gaan
  • Snuffelen - intensief
  • Spieren - stijve, harde, gespannen - vooral in de achterbenen
  • Stereotiep gedrag -staart achtervolgen
  • Tandenknarsen
  • Vacht - stinkt
  • Veranderingen in droompatroon
  • Verplaatsingsgedrag - poot knabbelen, likken, staart pakken, dingen kapot bijten, etc.
  • Verteringsproblemen
  • Verwijde pupillen of juist heel nauw
  • Voeten - warm/koud
  • Voeten - zweten
  • Wangen - ingevallen of opgeblazen
  • Weigeren om dingen te doen
  • Weinig energie
  • Winden laten - veel
  • IJsberen
  • Zuigen op doeken, etc.
  • Zweren op het lichaam

Regelmatig zullen onze honden symptomen vertonen uit bovengenoemde lijst zonder daar problemen aan over te houden. Het gaat er alleen om, dat als ze lang of dikwijls bovengenoemde symptomen vertonen, ze gezondheids- en gedragsproblemen kunnen krijgen.

Raadpleeg bij twijfel altijd de dierenarts.